CH-Q

Wat zegt onderzoek over CH-⁠Q?

Over CH-Q zelf bestaan vooral beschrijvingen, praktijkrapporten en pilotverslagen, maar geen peer-reviewed effectstudie. De bestanddelen van de methodiek, zoals reflectie op je loopbaan, loopbaandialoog, een competentieportfolio en een actieplan, zijn in verwant onderzoek wel onderbouwd.

Onderzoek en vergelijkingLaatst bijgewerkt: 8 min leestijd

In het kort

  • Er is geen peer-reviewed effectstudie, geen gerandomiseerd experiment en geen langetermijnmeting over CH-Q (Schweizerisches Qualifikationsprogramm zur Berufslaufbahn) als methodiek.
  • Wat over CH-Q is gepubliceerd, bestaat uit beschrijvingen, praktijkrapporten, pilotverslagen en Euroguidance-teksten, meestal van mensen die zelf bij de methodiek betrokken zijn.
  • Verwant onderzoek naar loopbaancompetenties, loopbaandialoog en het Franse bilan de compétences laat positieve effecten zien van bestanddelen die ook in CH-Q zitten.
  • Je kunt dus zeggen dat CH-Q is opgebouwd uit werkzame principes, maar niet dat bewezen is dat CH-Q zelf werkt of beter werkt dan andere methoden.
  • De belangrijkste open vraag is een studie met vergelijkingsgroep en follow-up naar wat deelnemers na een traject anders doen.

Wat er over CH-Q zelf is gedocumenteerd

De meeste kennis over CH-Q komt uit beschrijvende bronnen. Het programma ging in 1993 in Zwitserland van start na een parlementaire motie en werd daarna in een projectfase uitgewerkt (zie de geschiedenis van CH-Q).

Het meest geciteerde artikel is dat van Anita Calonder Gerster en Ernst Hügli in het Duitse vakblad BWP uit 2004. Zij beschrijven het begrippenkader, de vier kwalificatieniveaus en de verspreiding: rond 2004 waren er volgens hen ongeveer 300 gecertificeerde trainers en werd CH-Q gebruikt in België, Duitsland, Nederland, Luxemburg en Oostenrijk. De auteurs waren toen co-president van de Zwitserse vereniging: een beschrijving van binnenuit. Ze noemen ook een wetenschappelijke begeleiding van de pilotfase uit 1998, die niet is gepubliceerd.

Daarnaast zijn er praktijkrapporten. Een presentatie van de Volkshochschule Linz uit 2005 meldt meer dan twintig programma’s, ruim tweehonderd afgestudeerden en nauwelijks uitval. Dat zijn tellingen van de aanbieder zelf, geen gemeten effecten.

Voor Nederland zijn er pilotverslagen. CINOP beschreef in 2004 de eerste pilots, onder meer bij ROC Nijmegen, het Loopbaantraject Bouw, Scouting Gelderland en CWI Sittard. Bij een pilot aan de Universiteit Utrecht in 2011 volgden elf (bijna-)afgestudeerde onderwijskundigen een traject van vijf dagdelen; volgens de openbare flyer van de uitvoerende aanbieder haalden ze allemaal hun leerdoelen. Euroguidance Nederland beschreef de methode in 2012 en 2021, en een casestudy van het UNESCO Institute for Lifelong Learning uit 2023 bespreekt de Nederlandse stichting, zonder cijfers over effecten. Ook zijn er enkele scripties over CH-Q geschreven, onder meer door Regula Dietsche (2005) en Janne Geurts (2010).

Wat ontbreekt

Deze bronnen laten zien hoe CH-Q werkt en waar het is toegepast, niet wat een traject oplevert vergeleken met niets doen of met een andere aanpak. Concreet ontbreekt:

  • Een peer-reviewed effectstudie: er is geen artikel in een wetenschappelijk tijdschrift gevonden dat de effecten van CH-Q onderzoekt.
  • Een gecontroleerde of gerandomiseerde opzet: nergens is een groep CH-Q-deelnemers vergeleken met een vergelijkbare groep zonder traject, laat staan in een gerandomiseerd experiment (RCT).
  • Langetermijnmetingen: er zijn geen gegevens over wat deelnemers een jaar of langer later doen. Zetten ze vaker een loopbaanstap, ronden ze een opleiding of EVC-procedure af, houden ze hun werk beter vol?
  • Onafhankelijkheid: de beschikbare teksten zijn meestal geschreven door grondleggers, licentiehouders of aanbieders.
  • Vergelijkbare uitkomstmaten: waar resultaten worden genoemd, gaat het om uitval, tevredenheid of het halen van eigen leerdoelen.

Of CH-Q werkt, is met onderzoek naar CH-Q zelf dus niet aangetoond, maar ook niet weerlegd.

Wat verwant onderzoek zegt over de werkzame bestanddelen

CH-Q combineert een aantal bestanddelen: biografische reflectie, het benoemen van competenties uit alle levensdomeinen, bewijzen verzamelen in een portfolio, een actieplan, dialoog in een groep, en zelfbeoordeling naast beoordeling door anderen. Voor die bestanddelen bestaat wel onderzoek, ook al gaat het niet over CH-Q.

Loopbaancompetenties en loopbaandialoog

Marinka Kuijpers en Frans Meijers (2011) ondervroegen ruim 4.800 studenten in het Nederlandse hoger beroepsonderwijs. Loopbaancompetenties, zoals loopbaanreflectie, werkexploratie, loopbaansturing en netwerken, hingen samen met een leeromgeving die praktijkgericht is en ruimte biedt voor een loopbaangesprek. Zonder die dialoog bleef de opbrengst van praktijkgericht leren beperkt. Het gaat om samenhangonderzoek: het laat verbanden zien, geen oorzaak en gevolg.

Een loopbaantraining met vergelijkingsgroep

Jos Akkermans en collega’s (2015) onderzochten de training CareerSKILLS bij jonge werknemers met een mbo-opleiding en bij deelnemers aan een re-integratieprogramma, telkens naast een vergelijkingsgroep. Deelnemers gingen vooruit in loopbaancompetenties, self-efficacy (vertrouwen in je eigen kunnen), ervaren inzetbaarheid en werkbetrokkenheid. De opzet was quasi-experimenteel: de groepen waren niet volledig willekeurig samengesteld.

Bilan de compétences

Het Franse bilan de compétences lijkt in opzet op CH-Q: je analyseert je competenties en motivatie en werkt toe naar een loopbaanplan. Een overzichtsartikel van Michaud, Dionne en Beaulieu (2007) concludeert dat er overtuigend bewijs is dat een bilan helpt om jezelf beter te kennen, een scherper zelfbeeld te krijgen, je eigenwaarde te vergroten en een loopbaanplan op te stellen.

Michaud en Savard (2013) volgden 31 bilans bij vijf bedrijven in Quebec, met metingen vooraf, twee weken na afloop en na 3, 6 en 12 maanden. De eigenwaarde steeg direct na afloop significant; bij de latere metingen was het verschil niet meer significant. Zij halen ook eerder Frans onderzoek aan, onder meer van Gaudron, Bernaud en Lemoine (2001), dat eveneens winst in eigenwaarde liet zien.

Portfolio, biografie en actieplan

Michaud en Savard wezen zeven onderdelen van een bilan aan die bijzonder effectief bleken. Daaronder vallen het verkennen van je beroeps- en levensgeschiedenis om opgebouwde competenties te vinden, het schrijven van een competentieportfolio en het opstellen van een actieplan. Dat zijn ook de kernproducten van een CH-Q-traject (zie opbouw van een CH-Q-portfolio). Het ging daarbij wel om individuele trajecten met een loopbaanadviseur, niet om een groepstraining.

Validatie van leren

Op beleidsniveau beschrijven de OECD (Werquin, 2010) en Cedefop (Europese richtlijnen, 2023) de baten en voorwaarden van het zichtbaar maken en erkennen van informeel leren. De Raadsaanbeveling van 2012 onderscheidt vier fasen: identificatie, documentatie, beoordeling en certificering. CH-Q richt zich vooral op de eerste fasen en leidt zelf niet tot formele erkenning (zie zelfbeoordeling, beoordeling door anderen en validering). Dit is beleidskennis over validatie, geen effectonderzoek naar een specifieke methode.

Wat je ermee kunt doen

Welke claims je wel en niet kunt doen

De tabel geeft per veelgehoorde uitspraak het bewijsniveau. Sterk betekent solide documentatie of meerdere consistente bronnen; matig betekent peer-reviewed maar beperkt (één studie, geen randomisatie of indirect voor CH-Q); zwak betekent zelfrapportage of gegevens van aanbieders; geen betekent dat er geen onderzoek is.

Claim Bewijsniveau Bron
CH-Q is sinds de jaren negentig ontwikkeld en in meerdere Europese landen gebruikt Sterk (documentair) History CH-Q 2024; BWP 2004; Euroguidance
Deelnemers maken het traject af en halen hun eigen leerdoelen Zwak VHS Linz 2005; pilot Universiteit Utrecht 2011
CH-Q verbetert aantoonbaar je inzetbaarheid of loopbaansucces Geen Geen studie beschikbaar
CH-Q werkt beter dan andere loopbaanmethoden Geen Geen vergelijkend onderzoek
Een training in loopbaancompetenties kan self-efficacy, ervaren inzetbaarheid en werkbetrokkenheid vergroten Matig Akkermans e.a. 2015
Loopbaandialoog hangt samen met sterkere loopbaancompetenties Matig Kuijpers & Meijers 2011
Een bilan de compétences vergroot zelfkennis en eigenwaarde op korte termijn Matig Michaud e.a. 2007; Michaud & Savard 2013
Die effecten houden een jaar of langer aan Zwak Michaud & Savard 2013
Levensgeschiedenis, portfolio en actieplan horen bij de werkzame onderdelen van competentiegerichte loopbaanbegeleiding Matig (indirect voor CH-Q) Michaud & Savard 2013
Validatie van informeel leren heeft beleidsmatige baten Matig OECD 2010; Cedefop 2023

Je kunt dus zeggen dat CH-Q is opgebouwd uit bestanddelen die in verwant onderzoek positieve effecten laten zien. Je kunt niet zeggen dat CH-Q wetenschappelijk bewezen is, of dat het gebaseerd is op het onderzoek van Kuijpers of op het bilan de compétences. CH-Q verwijst zelf naar het competentiebegrip van Le Boterf; met dat andere onderzoek is het alleen verwant.

Open onderzoeksvragen

  • Werkt het traject? Een studie met vergelijkingsgroep en gevalideerde vragenlijsten, zoals die van Akkermans en collega’s, kan laten zien of deelnemers vooruitgaan in loopbaancompetenties, self-efficacy en ervaren inzetbaarheid.
  • Hoe lang houdt het aan? Follow-up na 6, 12 en 24 maanden, met gedrag als uitkomst: een sollicitatie, een opleiding, een EVC-procedure of een loopbaanstap.
  • Wat doet de groep? CH-Q werkt bewust in kleine groepen. Onbekend is hoeveel van het effect daaruit voortkomt, vergeleken met individuele begeleiding zoals bij een bilan.
  • Wat voegt de beoordeling toe? Het effect van de onafhankelijke assessor en het certificaat op motivatie en vervolgstappen is niet onderzocht.
  • Voor wie werkt het het best? Jongeren, herintreders, werkzoekenden en professionals kunnen heel verschillend reageren.
  • Helpt een CH-Q-portfolio bij EVC? De doorstroom van een CH-Q-portfolio naar formele erkenning is, voor zover bekend, niet gemeten.

Wat dit betekent als je CH-Q overweegt

Verwacht een methodiek met een duidelijke inhoudelijke logica en een eigen kwaliteitssysteem, geen bewezen interventie. Vraag een aanbieder hoe hij zelf evalueert en wat er met die uitkomsten gebeurt. Wil je CH-Q in een organisatie inzetten, meet dan zelf vooraf en achteraf, en liefst ook een tijd later. Hoe CH-Q zich verhoudt tot andere aanpakken, lees je in CH-Q vergeleken met andere methoden.

Wil je weten hoe een CH-Q-training eruitziet en wat je ervan kunt verwachten, neem dan contact op.

Veelgestelde vragen

Is CH-⁠Q wetenschappelijk bewezen?

Nee. Er is geen peer-reviewed effectstudie en geen gerandomiseerd onderzoek naar CH-Q zelf. Wel laat verwant onderzoek naar loopbaancompetenties en het Franse bilan de compétences positieve effecten zien van bestanddelen die ook in CH-Q zitten.

Welk onderzoek bestaat er over CH-⁠Q?

Vooral beschrijvingen en praktijkrapporten: het BWP-artikel van de grondleggers (2004), presentaties van aanbieders, Nederlandse pilotverslagen (2004 en 2011), Euroguidance-beschrijvingen en een UNESCO-casestudy (2023). Geen van die bronnen bevat een gecontroleerde effectmeting.

Is CH-⁠Q gebaseerd op het onderzoek van Kuijpers en Meijers?

Nee. CH-Q is in Zwitserland ontwikkeld en verwijst zelf naar het competentiebegrip van Le Boterf. De methodiek is wel verwant aan het Nederlandse onderzoek naar loopbaancompetenties en loopbaandialoog.

Wat zegt onderzoek over het bilan de compétences?

Studies uit Frankrijk en Quebec laten zien dat een bilan zelfkennis en eigenwaarde kan vergroten en helpt bij het maken van een loopbaanplan. In een Canadese studie met 31 trajecten was de stijging van eigenwaarde direct na afloop significant, maar bij de metingen na 3, 6 en 12 maanden niet meer.

Mag een aanbieder zeggen dat CH-⁠Q bewezen effectief is?

Dat gaat verder dan het beschikbare bewijs. Wat je wel kunt zeggen, is dat CH-Q is opgebouwd uit bestanddelen die in verwant onderzoek positieve effecten laten zien.

Bronnen

  1. CH-Q: Schweizerisches Qualifikationsprogramm zur Berufslaufbahn (Calonder Gerster & Hügli), BWP 1/2004, pp. 36-40 (BIBB, Berufsbildung in Wissenschaft und Praxis, 2004)Beschrijving van binnenuit: begrippen, niveaus, circa 300 trainers, landen, verwijzing naar Le Boterf en naar de niet-gepubliceerde wetenschappelijke begeleiding van 1998
  2. Text History CH-Q 2024 (Gesellschaft CH-Q / Stiftung SAG, 2024)Start in 1993 en tijdlijn van het programma
  3. CH-Q Kompetenzmanagement (presentatie) (VHS Linz / competences.info, 2005)Meer dan 20 programma's, ruim 200 afgestudeerden, nauwelijks uitval (zelfrapportage aanbieder)
  4. Quality Impulse for VPL and Career Management (CINOP, 2004)Verslag van de eerste Nederlandse pilots
  5. Pilot CH-Q Universiteit Utrecht (openbare flyer) (Zewuster Onderwijsadvies, 2011)11 (bijna-)afgestudeerde onderwijskundigen, 5 dagdelen, alle deelnemers haalden hun leerdoelen (rapportage aanbieder)
  6. Methode CH-Q en General info CH-Q part 2 (Euroguidance Nederland / CINOP, 2021)Nederlandse beschrijving van de methode (webpagina 2021, PDF 2012)
  7. Case study: validation of prior learning (VPL) as a career guidance tool (UNESCO Institute for Lifelong Learning, 2023)Casestudy over de Nederlandse CH-Q-stichting, zonder effectcijfers
  8. Learning for now or later? Career competencies among students in higher vocational education in the Netherlands (Kuijpers & Meijers) (Studies in Higher Education 37(4), 2011)Loopbaancompetenties hangen samen met een praktijkgerichte leeromgeving met loopbaandialoog (online 2011, gedrukt 2012)
  9. It's all about CareerSKILLS: effectiveness of a career development intervention for young employees (Akkermans, Brenninkmeijer, Schaufeli & Blonk) (Human Resource Management 54(4), 533-551, 2015)Quasi-experimentele interventiestudie: winst in loopbaancompetenties, self-efficacy, ervaren inzetbaarheid en werkbetrokkenheid
  10. L'efficacité du bilan de compétences (Michaud, Dionne & Beaulieu) (Canadian Journal of Counselling 41(3), 173-185, 2007)Overzicht van onderzoek naar het bilan de compétences: zelfkennis, zelfbeeld, eigenwaarde, loopbaanplan
  11. Évaluation de démarches de Bilan de compétences en contexte de petites et moyennes entreprises (Michaud & Savard) (Canadian Journal of Counselling and Psychotherapy 47(2), 155-168, 2013)31 bilans in 5 bedrijven in Quebec, metingen tot 12 maanden; zeven effectieve onderdelen waaronder portfolio en actieplan; verwijst naar Gaudron, Bernaud & Lemoine (2001)
  12. Recognising Non-Formal and Informal Learning: Outcomes, Policies and Practices (Werquin) (OECD, 2010)Beleidsmatige baten van validatie
  13. European guidelines for validating non-formal and informal learning, 3rd edition (Cedefop, 2023)Europese richtlijnen voor validatie
  14. Aanbeveling van de Raad van 20 december 2012 betreffende de validatie van niet-formeel en informeel leren (2012/C 398/01) (Raad van de Europese Unie, 2012)Vier fasen: identificatie, documentatie, beoordeling, certificering

Verder lezen

Zelf aan de slag met CH-Q?

Meld je aan of toon je interesse via het contactformulier. We nemen binnen 2 werkdagen contact op.

Contact