Praktijk/Nederland

 
 

Training en experimenten in Nederland
In de periode september tot en met december 2004 zijn via het eerder genoemde CINOP-project een aantal trajectbegeleiders uit het Loopbaanproject Bouw, ROC Nijmegen, Scouting Gelderland volgens de CH-Q methodiek getraind door gecertificeerde Zwitserse trainers. Tijdens de eerste bijeenkomsten hebben de begeleiders zelf het portfolioproces doorlopen om zich bewust te worden van wie ze zijn, wat ze willen en kunnen. Deze periode werd afgesloten met een presentatie, waarna certificering plaats vond. De certificering laat zien dat de deelnemers in staat zijn de ontwikkeling van hun competenties zelf ter hand te nemen. De training van begeleiders - zelf ervaringsdeskundigen – moest resulteren in verdieping en verbetering van de loopbaanbegeleiding. De deelnemende trajectbegeleiders hebben een projectplan gemaakt voor een pilot waarin ze het CH-Q concept vertaalden voor hun eigen doelgroep. Er zijn zes experimenten uitgevoerd met verschillende groepen. Op ROC Nijmegen twee pilots, in het Loopbaanproject Bouw drie en bij scouting Gelderland een.


ROC Nijmegennijmegen roc
ROC Nijmegen vindt het noodzakelijk om loopbaanontwikkeling in het beroepsonderwijs te bevorderen. Loopbaanvaardigheden zijn steeds meer nodig, omdat de samenleving en de economie voortdurend veranderen. Dit heeft gevolgen voor de arbeidsmarkt. Steeds meer mensen veranderen sneller van baan maar de banen zelf veranderen ook inhoudelijk. Het roc probeert er voor te zorgen dat de deelnemers hun competenties al vroeg in hun opleiding in kaart brengen. Hiermee krijgen de leerlingen duidelijk perspectief op een passende leer- of werkplek en ze leren zo ook objectiever naar hun opleiding en hun eigen ontwikkeling te kijken.

 

Op ROC Nijmegen zijn twee experimenten met CH-Q uitgevoerd met twee groepen cursisten die het programma hebben doorlopen. De eerste groep bestond uit 12 cursisten van Rotonde, een programma dat leerlingen met een laag opleidingsniveau op mbo-niveau probeert te brengen. In dit experiment probeerde ROC Nijmegen er achter te komen of CH-Q leerlingen hielp loopbaancompetenties te verwerven, zoals reflecteren, communiceren, analyseren, keuzes maken en doelen stellen.

De deelnemers aan deze proef zetten de eerste stappen op weg naar een eigen portfolio. Zo leerden ze te reflecteren op hun eigen functioneren. Ze kregen ook zicht op hun eigen competenties. Het resultaat van het experiment maakte nog eens duidelijk hoe belangrijk positieve ondersteuning voor de cursisten is om hen trots te maken op hun eigen kennis en vaardigheden.

De tweede groep bestond uit voortijdig schoolverlaters die een BBL-leerwerkplek zochten en nog een keuze moesten maken voor een opleidingsrichting. Deze tweede pilot duurde 7 dagdelen en werd door 5 cursisten succesvol afgerond. Zij kregen ook een beter beeld van hun competenties, wisten die te ontwikkelen maar leerden tegelijkertijd zich beter te presenteren aan toekomstige werkgevers. Dit laatste brachten ze na de cursus ook in praktijk.

Helaas zijn de cursisten niet langer gevolgd waardoor niet te zeggen is of zij de eenmaal geleerde aanpak nog toepassen. Evenmin is bekend welk praktisch resultaat de nieuwe inzichten voor iedereen heeft gehad. Het gevolgde programma had ook geen consequenties voor het onderwijs dat de cursisten na CH-Q aangeboden kregen. Een school die flexibel onderwijs geeft, kan in principe op grond van een toegenomen inzicht in de competenties van de cursisten immers maatwerk of vrijstellingen aanbieden. 

Nadat het roc tijdens het cursusjaar 2004/2005 zich vooral sterk heeft gemaakt voor de invoering van competentiegericht leren en de competentiegerichte kwalificatiestructuur, komt met ingang van cursusjaar 2005/2006 de bijbehorende loopbaanbegeleiding aan de orde. Medewerkers van het roc moeten dan met behulp van de CH-Q methodiek cursisten kunnen begeleiden bij  loopbaangesprekken en het opbouwen van een portfolio. De sector Zorg en Welzijn van het ROC Nijmegen heeft dus duidelijk gekozen voor CH-Q als onderdeel van de loopbaanbegeleiding.
In totaal zijn er 7 SSB-medewerkers (Studenten Service Bureau) in de sector Zorg en Welzijn met CH- Q vertrouwd gemaakt, niet alleen om de cursisten te begeleiden maar ook om via olievlekwerking de methodiek op de sector Zorg en Welzijn te verspreiden. Die verspreiding is al in gang gezet. CH-Q is onder meer gebruikt als begeleidingsaanpak voor de heroriëntatie van deze medewerkers van het Studenten Service Bureau van de sector Z&W van het ROC Nijmegen. Net als bij de andere roc’s is er in Nijmegen sprake van reorganisatie en indaling naar de resultaatverantwoordelijke teams als gevolg van het gewijzigd beleid. Ook bestaan er plannen om CH-Q in te zetten als loopbaaninstrument voor de docenten van Educatie die, bij het verdwijnen van hun baan, voor een nieuwe onderwijskeuskeus staan.

Al met al zijn de ervaringen van ROC Nijmegen positief. De methodiek bevalt in de praktijk voor de begeleiding van cursisten op verschillende niveaus en voor eigen medewerkers. De begeleiders zijn enthousiast over drie onderdelen van CH-Q namelijk de levensloop, de 360º feedback en het kwaliteitenspel. ROC Nijmegen herkent de kritiek dat de toeleiding tot de arbeidsmarkt aan de aanpak ontbreekt. Dat neemt niet weg dat de methode vooral waardevol is om cursisten en medewerkers voldoende sociaal communicatieve vaardigheden bij te brengen om zich beter te presenteren. De hiaten in de competenties die de cursisten signaleren, kunnen door het onderwijs verder ingevuld worden. Bij medewerkers van de school ligt dat echter nog niet zo eenvoudig. Het is goed om inzicht te krijgen in wat je niet beheerst, maar hoe begeleid je collega’s vervolgens om aan hun competenties te werken en wat heb je hen daarvoor te bieden. Een bijkomend probleem is dat zij zich in de organisatie al een bepaalde status en positie hebben verworven.top



Loopbaanproject Bouw

Het Loopbaanproject Bouw is een gezamenlijk initiatief van werkgevers- en werknemersorganisaties in de bouw. De afspraken hiervoor werden al gemaakt in de bouw- en uta-CAO van maart 2001 waaruit bleek dat de werkgevers- en werknemersorganisaties meer wilden doen aan loopbaanontwikkeling om de instroom in de WAO te verminderen. Tevens wilde men het personeel meer mogelijkheden bieden voor loopbaanontwikkeling. Door een beter personeelsbeleid hoopten de werkgevers ten slotte ook het imago van de bouw positief te beïnvloeden.

In het principeakkoord werd een pakket van maatregelen vastgesteld om de loopbaanontwikkeling voor werknemers te stimuleren. De projecten “landelijk omscholingsfonds voor de beroepsgroep steigerbouwers” en het “regionaal loopbaan- en scholingsproject voor de bouwnijverheid in de provincie Noord-Holland” zijn hiervan twee voorbeelden. Deze projecten zijn gecombineerd tot het Loopbaanproject Bouw waar de drie CH-Q experimenten voor bouwvakkers en steigerbouwers die in de WAO dreigen te belanden een plek hebben gekregen. Zes trajectbegeleiders hebben deelgenomen aan de CH-Q training en deze ook zelf weer gegeven in het Loopbaanproject Bouw.

Sabine Baltussen, een van de trajectbegeleiders, vertelt over haar ervaringen:

'CH-Q is een erg goed doordachte en complete aanpak waar we goede ervaringen mee hebben opgedaan. De methode is in het Loopbaanproject Bouw samen met een aantal andere instrumenten ingezet om 15 mensen te helpen met hun oriëntatie op andere functies.’ CH-Q is in dit project niet gebruikt om in een organisatie tot een hrm instrument uit te groeien dat zich als olievlek in de organisatie verspreidt. Daarvoor biedt het programma volgens Baltussen wel mogelijkheden. CH-Q is een goede methode gebleken om snel de mogelijkheden van de mensen in kaart te brengen. Het verraste de deelnemers over hoe veel meer ervaring en vaardigheden ze beschikten dan ze voor deelname aan het programma hadden gedacht. Het duidelijk zichtbaar maken van kennis en vaardigheden leidde er toe dat de cursisten een beter beeld kregen van zichzelf zich beter leerden presenteren en op een andere manier naar vacatures gingen kijken. Waarschijnlijk gebruikt ze de methode opnieuw in het Loopbaanproject Schilders dat in april 2005 van start is gegaan.'


Wel zijn er een aantal verbeterpunten aan te geven in de aanpak van CH-Q, maar dat past ook bij een systeem dat zich nog steeds doorontwikkelt. De toeleiding tot de arbeidsmarkt komt in het programma volgens Baltussen minder sterk naar voren. Je weet al vrij snel waar je sterke en zwakke punten zitten. Je ziet ook wat je hebt gedaan en waar je mogelijkheden en talenten het best tot hun recht kunnen komen. Maar dan? Je moet dan wel aan de slag om een volgende stap te zetten. Baltussen denkt dat de oorzaak van dit manco gelegen is in het feit dat CH-Q in Zwitserland in combinatie met een database met beroepscompetenties wordt gebruikt. Daarin zoek je aan de hand van je competenties aanknopingspunten voor beroepen en opleidingen waarmee je verder kunt. In ons land ontbreekt die infrastructuur.top


Scouting Gelderland
Drie miljoen Nederlanders verrichten jaarlijks vrijwilligers werk in de gezondheidszorg, onderwijs en welzijn. Deze sectoren bieden tevens werkgelegenheid voor 670.000 voltijdse banen. Het Sociaal Plan Bureau constateert in haar Tijdbestedingsonderzoek (TBO, 2000) een scherpe daling in deelname aan het vrijwilligerswerk. Niet alleen het aantal vrijwilligers maar ook het aantal bestede uren neemt behoorlijk af. De belangrijkste reden om te stoppen met vrijwilligerswerk is het gebrek aan tijd omdat betaald werk juist zo veel tijd kost. Erkenning van competenties maakt de waardering voor het goede en leerzame werk van de vrijwilligers duidelijker en kan daarnaast bijdragen om dit tij te keren doordat het voor vrijwilligers aantrekkelijker kan worden actief te zijn. Scouting Nederland, afdeling Gelderland, een organisatie die op dit terrein al enige jaren ervaring heeft opgedaan, zocht naar een aanpak die goed bij vrijwilligerswerk past. Met het portfolio voor vrijwilligers wilde Scouting Gelderland zichtbaar maken wat je als vrijwilliger hebt geleerd en wat je kunt. Sommige mensen kost dit geen enkele moeite. Zij zijn zich bewust van wat ze in hun mars hebben en kunnen zich zscoutingelf ‘verkopen’. De meeste mensen echter, en zeker jongeren, kunnen hierbij wel wat hulp gebruiken. Het portfolio - mits goed geïntroduceerd en begeleid - is zo’n hulpmiddel.

 

In de pilot van Scouting Gelderland is het CH-Q-portfolio met een aantal vrijwilligers uitgeprobeerd om te bekijken of het een laagdrempelig, makkelijk toegankelijk vrijwilligersportfolio oplevert. Ook is in dit experiment een nieuw instrument toegevoegd, waarin het verband tussen het competentieportfolio en de arbeidsmarkt inzichtelijk werd gemaakt. Aan het einde van het experiment is tevens kort stilgestaan bij de koppeling tussen het competentieportfolio en de eisen in de kwalificatiestructuur. Hierbij bleek dat de goed opgeleide scoutingleiders in een assessmentprocedure hoge ogen zouden gooien om certificaten of zelfs een diploma SCW op niveau 3 of 4 te verwerven. Het experiment met CH-Q was niet eenmalig maar maakte deel uit van het grotere project ''Erkenning van vrijwilligerswerkervaring''. Naast het portfoliomodel voor vrijwilligers zijn er ook competentieprofielen voor vrijwilligersfuncties opgesteld. Ook is in samenwerking met OVDB en roc's gekeken naar erkenning van vrijwilligerswerk als leerbedrijf.

De resultaten van het project ''Erkenning van vrijwilligerswerkervaring'' worden met ingang van komend seizoen onderdeel van de normale werkzaamheden van Scouting Gelderland. Als het internationale project ''Scouting and Guiding Your Competences'' wordt goedgekeurd, gaat men ook met de training verder.

De leden van Scouting Gelderland die bij het project betrokken zijn geweest. meldden dat de CH-Q training bruikbaar is voor de begeleiding van vrijwilligers. Scouting Gelderland verwachtte van de aanpak niet direct een maatschappelijk effect. De groep van 5 vrijwilligers die met CH-Q aan de slag is geweest, is zeer beperkt. Scouting Gelderland verwacht dat meer vrijwilligers in de toekomst met CH-Q aan het werk gaan om zo te leren dat vrijwilligerswerk hen competenties oplevert die elders ook voordeel opleveren. De vrijwilligers die hebben meegedaan aan de pilot ontdekten ook dat zij competenties opdeden die aansluiten bij bepaalde beroepen en opleidingen. In sommige gevallen kregen vrijwilligers na het tonen van hun portfolio's vrijstelling van bepaalde studieonderdelen. Projectleider Jo Peters merkt een kentering in de interesse voor het portfolio als alternatief voor diplomering.

Elementen uit de CH-Q training zijn gebruikt tijdens een internationaal seminar dat Scouting Gelderland in januari 2005 organiseerde onder de titel ''The recognition of volunteer experience''.  Onder de titel ''Scouting and Guiding Your Competences'' is er inmiddels een projectvoorstel ingediend bij het Europese Leonardo da Vinci-programma. Ook in dit project komen elementen uit de CH-Q training terug. Op dit moment werkt Scouting Gelderland aan de vervolmaking van de ''toolbox'' met de instrumenten die ''Erkenning van vrijwilligerswerkervaring'' heeft opgeleverd; ook de CH-Q training krijgt hierin een plaats. De toolbox is bedoeld voor alle scoutinggroepen in Nederland en voor andere vrijwilligersorganisaties die hiervoor belangstelling hebben.
top

 

Werkloze jongeren -  CWI Sittard
Naast de drie bovengenoemde experimenten is er ook door de Taskforce Jeugdwerkeloosheid in overleg met Verein CH-Q een experiment met 60 werkeloze jongeren uitgevoerd die stonden ingeschreven bij het CWI Sittard.

In dit experiment is slechts een deel van het CH-Q programma  gebruikt in samenhang met de Europass. Ondanks de beperkte 2 dagdelen waren de resultaten veelbelovend. Jongeren, veelal nog zonder startkwalificatie, waren veel beter in staat om hun competentieprofiel te presenteren aan de CWI-adviseurs en aan de werkgevers. Juist competenties opgedaan buiten school en/of werkervaring werden naar voren gebracht en gaven een veel beter beeld van hun mogelijkheden op de arbeidsmarkt. Deze jongeren bleken in staat in een persoonlijke advertentie hun ‘profiel’ goed te beschrijven en toe te lichten.


Nadat de jongeren echter werk hadden gevonden was er onvoldoende of geen verdere begeleiding meer om hen bij het ontwikkelen van hun competenties te helpen. Dit is juist wel een onderdeel van de volledige gecertificeerde aanpak van CH-Q.
top